De 9 obstakels voor yoga in Yoga Sutra 1.30
- Yoga met Lieneke
Vyasa, de auteur van het belangrijkste commentaar op de Yoga Sutra’s van Patanjali, maakt in zijn commentaar op de allereerste Yoga Sutra (1.1) een onderverdeling in 5 verschillende soorten denkvermogens. Het denken van de mens is onder te verdelen in één van deze denkvermogens.Â
1. Een rusteloos (ksipta) denkvermogen
De eerste en laagste staat van het denkvermogen wordt gekenmerkt door rusteloosheid. Mensen in deze staat bezitten niet het geduld of de intelligentie die nodig is voor concentratie en de beoefening van yoga. Het bevatten van abstracte begrippen of subtiele objecten is buiten het bereik van dit denkvermogen.
2. Een verdoofd (mudha) denkvermogen
Een denkvermogen dat volledig opgaat in de zintuigen, is verdoofd. Concentratie is mogelijk, maar deze is gericht op wereldse doelen, zoals sociale contacten, familie en het vergaren van rijkdom. Het consumeren van objecten en ervaringen houdt dit denkvermogen in een verdoofde staat.
3. Een afgeleid (viksipta) denkvermogen
De meeste van de spirituele zoekers hebben een afgeleid denkvermogen. Dit denkvermogen is soms kalm en geconcentreerd, maar wordt meestal verstoord door gedachten, emoties en verlangens. Wanneer het denkvermogen geconcentreerd is, kan het kennis opdoen over de werkelijkheid. Maar het grootste gedeelte van deze kennis en inzichten gaat weer verloren, zodra de tijdelijke concentratie verdwijnt en het denkvermogen weer afgeleid is.
4. Een éénpuntig (ekagra) denkvermogen
Het denkvermogen is éénpuntig wanneer, na het vervagen van een gedachte, dezelfde gedachte weer omhoog komt. De aandacht blijft op één en hetzelfde punt gericht. De kennis die je verkrijgt in deze staat van concentratie, is blijvend en wordt niet weer vergeten, zoals in een afgeleid denkvermogen.
5. Een gestopt (Nirodha) denkvermogen
In dit laatste stadium is het denkvermogen in een staat van yoga. Zoals Patanjali zegt in Yoga Sutra 1.2: Yoga chitta vrtti nirodha. Yoga is het stoppen (nirodha) van de wijzingen (vrtti’s) van het denkvermogen (chitta). Na een lange discipline en éénpuntige concentratie, gaan de gedachten terug op in hun bron en komen ze niet weer omhoog.
De 9 obstakels
Wanneer je deze blog leest, valt jouw denkvermogen hoogstwaarschijnlijk in de derde categorie, het afgeleide denkvermogen (viksipta). Yoga Sutra 1.30 beschrijft de 9 obstakels, die verantwoordelijk zijn voor de afleidingen van het denkvermogen (chitta vikshepah):
De obstakels (antaraya’s) zijn afleidingen van het denkvermogen (chitta vikshepah). Het zijn: ziekte (1), mentale weerstand (2), twijfel (3), onzorgvuldigheid (4), gemakzucht (5), gebrek aan zelfbeheersing (6), filosofische verwarring (7), onvermogen om verder te komen in de beoefening (8) en onvermogen om een niveau van beoefening vast te houden (9).
Yoga Sutra 1.30
Deze 9 obstakels houden het denkvermogen in een afgeleide staat en verhinderen het bereiken van de vierde staat, het éénpuntige denkvermogen.Â
Het eerste obstakel is ziekte. Dit wordt in de yogafilosofie gedefinieerd als disbalans in het lichaam. Dit is een groot obstakel in de beoefening van yoga omdat het denkvermogen reageert op signalen van ziekte in het lichaam, wat concentratie erg moeilijk maakt.Â
Het tweede obstakel is mentale weerstand. Het denkvermogen is altijd druk, altijd bezig en wil niets liever dan onbeheerst haar gang gaan. Het weigert simpelweg om tot rust te komen en om concentratie te oefenen. Het stelt de beoefening uit, het slaat de beoefening over en het zoekt redenen en excuses om maar niet te hoeven oefenen.Â
Het derde obstakel is twijfel. Dit is een manier van denken waarin je niet kunt kiezen tussen twee kanten. Door maar na te blijven denken over twee wegen, maak je uiteindelijk geen keuze om vooruit te gaan. Hierdoor blijf je waar je bent.Â
Het vierde obstakel is nalatigheid. Door jezelf bezig te houden met wereldse zaken en niet te oefenen, bereik je nooit een staat van concentratie.Â
Het vijfde obstakel is gemakzucht. Dit is een zwaar gevoel in het lichaam, dat zorgt voor een gebrek aan initiatief en doorzettingsvermogen. Het denken is traag en lui, niet bereid om zich te concentreren.Â
Het zesde obstakel is een gebrek aan zelfbeheersing, door een verlangen naar objecten en ervaringen. Waarom oefenen, als er zoveel andere zaken zijn die aandacht nodig hebben?Â
Het zevende obstakel is filosofische verwarring. Wanneer je geen vertrouwen hebt in de yogafilosofie en niet gelooft dat het de moeite waard is om te werken aan een verhoogde staat van concentratie, zal dit ook niet gebeuren.Â
Het achtste obstakel is onvermogen om vooruit te komen. Het kan zijn dat je veel oefent, maar er niet in slaagt om een hogere staat van bewustzijn te bereiken.Â
Het negende en laatste obstakel is onvermogen om een niveau van beoefening vast te houden. Het is instabiliteit in het denkvermogen, dat concentratie die is bereikt, vervolgens weer verliest.Â
ontvang elke maand alle nieuwe blogs in jouw inbox
© 2026 Lieneke’s Yoga Company





